Nieuws & Agenda

In de Zomerschool van de Tilburgse Universiteit is een introductiecursus over de Mimetische Theorie opgenomen onder de titel Deceit and Desire: René Girards Mimetic Theory, an introduction. De mimetische theorie heeft een sterk interdisciplinair karakter en kent toepassingsgebieden zo verschillend als theologie, filosofie, antropologie, psychologie, literaire studies en – met de ontdekking van spiegelneuronen – ook de biologie. Het interdisciplinaire karakter van de Mimetische Theorie zal in deze cursus nadrukkelijk aan de orde komen.

Vanuit de Girard Studiekring en de internationale organisatie Imitatio is er in het recente verleden tweemaal  (2010 en 2012) met groot succes een 14-daagse zomerschool georganiseerd. Dit succes was niet in het minst te danken aan de contacten die vanuit de Girard Studiekring onderhouden worden met internationale kopstukken in de wereld van de verbreiding van de Mimetische Theorie, zoals daar zijn: James Alison, Paul Dumouchel, Sandor Goodheart, Mark Anspach, Benoît Chantre en Nicolaus Wandinger.

Cursusleider Hans Weigand is werkzaam in de systeemtheorie aan de Tilburgse Universiteit. Hans Weigand is ook de vervaardiger van de Nederlandse vertaling van René Girards eerste grote studie onder de titel De romantische leugen en de romaneske waarheid – een Nederlandse titel waarin de woorden van de oorspronkelijke Franse titel letterlijk bewaard bleven. De Engelse vertalers hebben daar niet in kunnen slagen, en hebben Girards eersteling vertaald met Deceit, Desire and the Novel – een frase die een eigen leven is gaan leiden – zoals aan de titel van de cursus te zien is.

De cursus richt zich op studenten met minimaal twee jaar opleiding in een relevante discipline. Het maximum aantal deelnemers van de cursus bedraagt 20. Voor verdere details: kijk op de cursuspagina van de Tilburgse Universiteit.

Sinds 1 januari 2014 zijn stichtingen en instellingen die de ANBI-status genieten verplicht een aantal gegevens op hun website te vermelden. Voor de Stichting Girard Studiekring kan deze informatie hier gevonden worden.

ANBI staat voor Algemeen Nut Beogende Instelling. De mogelijkheid om giften van de belasting af te trekken wordt onder andere bepaald door de verhouding van het bedrag dat aan giften is uitgegeven tot het inkomen als geheel. Om giften in aanmerking te laten komen voor belastingaftrek dienen de instellingen waaraan geschonken is de ANBI status te hebben.

In de afgelopen periode zijn er twee boeken verschenen waarin de wereld van Homeros gecontrasteerd wordt met die van de Bijbel: Abraham & Odysseus: over belofte, nostalgie en geweld van Luck Anckaert, Roger Burggraeve en Geert van Coillie en A Refuge of Lies: Reflections on Faith and Fiction van Cesáreo Bandera. In beide boeken speelt de mimetische theorie een vooraanstaande rol en in beide boeken wordt uitgebreid teruggegrepen op de beroemde literaire studie van Erich Auerbach uit 1946: Mimesis: de weergave van de werkelijkheid in de westerse literatuur.

Het boek van Auerbach werd bijna twee decennia gepubliceerd vóór René Girard zich in het intellectuele veld begon te roeren. Het woord “mimesis” dat Auerbach in de titel voert heeft weinig te maken met de mimetische theorie, en verwijst, zoals de subtitel al aangeeft, vooral  naar verschillende en door de geschiedenis heen veranderende manieren om de werkelijkheid in literaire kunst weer te geven – kunst dus als nabootsing van de werkelijkheid. Auerbach schreef zijn boek in de oorlogsjaren in Istanboel waar hij als Duitser met een joodse komaf een onderkomen had gevonden. De omstandigheid brachten met zich mee dat hij hoegenaamd geen toegang had tot de secundaire literatuur over de serie boeken waarover hij wilde schrijven. Geert van Coillie memoreert expliciet de opmerkingen die Auerbach in zijn nawoord hierover maakt: “Het is overigens heel wel mogelijk dat het boek zijn totstandkoming juist te danken heeft aan het ontbreken van een grote vakbibliotheek. Had ik mij kunnen informeren over alles wat over zovele onderwerpen is geproduceerd, dan zou ik wellicht niet aan schrijven zijn toegekomen.”

Het verhaal van Auerbach doorloopt de hele westerse literatuur, beginnend bij Homeros en de Bijbel en eindigend bij Virginia Woolf. Het eerste hoofdstuk gaat over een passage over de thuiskomst van Odysseus en wordt sterk gecontrasteerd met het verhaal van de beproeving van Abraham in Genesis 22. Auerbach laat zien dat er achter deze twee passages, geschreven in ongeveer dezelfde tijd, werelden van verschil schuilgaan. Wat Auerbach als aandachtig lezer en welsprekend auteur over deze twee werken zegt kan verder geprofileerd worden vanuit de mimetische theorie van René Girard: de wereld van Homeros is volledig ondergedompeld in het sacrale geweld, terwijl in het verhaal van Genesis een uittocht uit deze  wereld op gang is gekomen.

Genesis 22, De beproeving van Abraham of De binding van Isaac is nog altijd een moeilijk verhaal en mag vaak rekenen op scherpe kritiek van seculiere intellectuelen. Maar de goden die absolute gehoorzaamheid vragen en de goden die ook bereid zijn kinderoffers daadwerkelijk dóór te laten gaan vinden we juist in de wereld van het heidense sacrale geweld waar het Joodse volk zich in vroege tijden (en met wisselend succes) sterk ging tegen afzetten. Deze afschuw van de afgoden die de offers van onze zonen en dochters vragen kan helemaal doorgetrokken worden naar het nationalistische oorlogsgeweld van 19de en 20ste eeuw.

Voor wie het denken over De beproeving van Abraham een doodlopende weg is geworden bieden deze twee boeken verfrissende nieuwe uitzichten. Abraham & Odysseus bestaat uit twee essays. In het eerste essay van Luck Anckaert en Roger Burggraeve worden de worstelingen en ook de fouten van vader Abraham belicht in het kader van het denken van onder andere Søren Kierkegaard en Emmanuel Levinas. Geert van Coillie gaat in een vervolgessay dieper in op de relatie tussen het dichten van Homeros en Vergillius enerzijds en de Bijbelse tekst anderzijds.

Cesáreo Bandera – die zich al veel langer in het mimetische denkveld ophoudt – staat bekend als de kenner van Cervantez' Don Quichote bij uitstek. Bij Bandera vinden we geen verwijzingen naar Kierkegaard of Levinas, maar hij besteedt wel de nodige aandacht aan twee essays van Simone Weil – essays, waarin nogal provocerende uitspraken worden gedaan over Joods versus Grieks denken. In A Refuge of Lies gaat Bandera ook in op de 17e eeuwse , Renaissancistische obsessie in navolging van Homeros grote epische dichtwerken te gaan schrijven. Dit culturele programma van een vernieuwde epiek is nergens op uit gelopen. Hoewel het aan ijver en onverdrotenheid niet ontbroken heeft, hoewel dergelijke epische werken heus wel volop in aantal en omvang geproduceerd zijn – is het niet het vernieuwde epos, maar is het bij uitstek de literaire roman die in ons culturele bewustzijn een definitieve plaats heeft ingenomen.

Dat hij een grote belangstelling kende voor het werk van René Girard heeft Hans Achterhuis al diverse keren laten blijken. In het boek dat hij in deze dagen samen met Nico Koning aan het samenstellen is wordt de rol die Girard te spelen heeft nog prominenter dan in eerdere werken naar voren gebracht. Achterhuis en Koning wagen het om de intellectuele geschiedenis van Europa te laten centreren rond een viertal ernstige “krenkingen” waarin wij mensen worden gedwongen uit ons eigen middelpuntsdenken weg te trekken. Girard staat met zijn mimetische begeerte, de ontmaskering van de illusie van onze autonomie, de gedachte dat wij niet in het bezit zijn van hetgeen waar we naar streven of begeren – in het schrijven van Achterhuis & Koning gerangschikt naast andere grote desillusionisten als Kant, Copernicus of Freud.

Achterhuis & Koning hebben de Girard Studiekring met betrekking tot het boek onder handen om feedback gevraagd, hetgeen resulteerde in een extra bijeenkomst, welke plaatsvond op 10 oktober 2013. Aan deze bijeenkomst was per email een discussie voorafgegaan waarin naast de genoemde "krenkingen" thema’s als – epistemologische diepgang, een eventuele verbondenheid met een Verlichtings-ideologie en de visie op Girards katholicisme– aan bod kwamen. 

De discussie zoals deze op de bijeenkomst plaatsvond is te complex om in een paar woorden samen te vatten, maar toch viel moeilijk aan de indruk te ontkomen dat zich een debat ontspon tussen meer trouwe Girardianen en meer kritische Girardianen. Waarbij meteen de vraag opgeworpen kan worden: zijn de trouwe Girardianen dan niet kritisch? En zijn de kritische Girardianen dan niet trouw?

Een van de belangrijkste theoretische draaipunten in dit alles is de manier waarop René Girard de apocalyptische aankondigingen in het Nieuwe Testament au sérieux neemt. De “openbaring” is voor Girard het gegeven dat de zondebok onschuldig is, en deze openbaring brengt met zich mee dat het middel waarmee mensengemeenschappen zich van oudsherre tegen mimetische escalaties hebben weten te beschermen haar werkzaamheid verliest. Girard brengt een logische consistentie aan in het Bijbelse apocalyptische en trekt dit in alle ernst door naar de huidige tijd.

Hans Achterhuis en Nico Koning zijn zeker niet de enige denkers die niet in dergelijke apocalyptische gevolgtrekkingen mee willen gaan. Voor hun nieuwe studie zijn ze op zoek gegaan naar vormen van geweldsbeteugeling die buiten het soms nogal stringent christelijke schema van Girard vallen. Zij benadrukken hoezeer onze huidige wereld verschilt van veel gewelddadiger tijden in het verleden en merken onder andere op dat de kans dat wij in onze tijd persoonlijk door geweld om het leven zullen komen kleiner dan ooit is.

Voor meer inzicht in deze, voor hard core Girardianen nogal optimistisch aandoende visie zullen we de publicatie van het boek van Achterhuis & Koning in 2014 moeten af wachten.

COV&R 2013 vond plaats in juli 2013 in de Amerikaanse staat Iowa en stond in het teken van de ecologische dreigingen die zich in onze wereld steeds meer aandienen. Door het hele werk van Girard heen loopt de gedachte dat fysieke dreigingen en sociale dreigingen zich dooreen kunnen mengen, dat ze dat in een vroeg-antropologische tijd vaak ook gedaan hebben, en dat we in een tijd terecht aan het komen zijn waarin dit – op een andere wijze – onvermijdelijk opnieuw gebeurt.

Het intellectuele landschap waarin natuurlijke oorzaken en sociale oorzaken als beta- respectievelijk alfa-problemen strikt gescheiden moesten blijven lijkt geleidelijk aan het verdwijnen. En zo gaat de mimetische theorie, die het diepste geworteld is in alfa-gronden – literatuur, antropologie, psychologie – zich  verder uitstrekken naar onderwerpen als de aantasting van de natuurlijke omgeving, waarover, tot voor kort, beta het alleenrecht meende te bezitten. In COV&R 2013 mengden zich tussen alle filosofen, theologen en antropologen ook stemmen van biologen en ecologen.

De Amerikaanse staat Iowa is een agrarisch gebied van enorme omvang waarin de aantasting van het natuurlijke landschap heel ver gaat, en door de bewoners veelal heel diep gevoeld wordt. Apocalyptische thema’s als stormen, stortbuien, droogtes, misoogsten zijn in deze staat (die de graanschuur van de wereld wordt genoemd) tastbaar een realiteit aan het worden. Symbolisch is hoe één van die stortbuien ervoor had gezorgd dat een nieuw domicilie, waarin voor COV&R-bezoekers al  verblijfplaatsen waren gereserveerd, niet in gebruik kon worden genomen.

De inbreng van biologen en ecologen mocht niet verhinderen dat in COV&R 2013 veel aandacht was voor theologie, waarin de bijdrage van theologen uit  Innsbruck speciaal genoemd moet worden. De Engelse vertaling van Wolfgang Palavers – die zelf ook met regelmaat als gespreksleider optrad – Girard's Mimetic Theory, stond bij velen vers in het geheugen. Ook werd aangekondigd dat in Innsbruck de uitgave van de briefwisseling tussen René Girard en Raymund Schwager in voorbereiding was. Sommige presentaties liepen al op deze publicatie vooruit en brachten standpunten naar voren die kracht bij werden gezet met citaten uit deze briefwisseling.

COV&R 2013 was ook de bijeenkomst waarin Robert Hamerton-Kelly werd gememoreerd, die kort voor de conferentie te overlijden is gekomen. Hamerton-Kelly was, zowel letterlijk als figuurlijk, een enorme aanwezigheid en een grote stuwkracht in het verdere verbreiden van het mimetische gedachtengoed – in COV&R zelf alsook in Imitatio.

Ook met de nodige jonge bezoekers die de COV&R voor het eerst aandeden, toonde deze  bijeenkomst in 2013 aan hoe levend de mimetische theorie heden ten dage is. De volgende COV&R zal plaatsvinden op het Europese vasteland in het Duitse Ingolstadt.