Nieuws & Agenda

Rond de Crisis: Reflecties vanuit de Girard Studiekring is de naam van de nieuwe verzameling artikelen van de Girard Studieking. Het boek is uitgegeven door uitgeverij Parthenon en kan ook besteld worden via bol.com. De redacteuren zijn André Lascaris en Michael Elias. De presentatie van het boek, waarbij het eerste exemplaar aan Manuela Kalsky zal worden aangeboden, vindt plaats op 26 november in De Balie, een gelegenheid die tevens het 30-jarig bestaan van de Girard Studiekring markeert. Wilt u de presentatie bijwonen, stuur dan vóór 24 november een email naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..






In Rond de Crisis staat de actualiteit centraal. Hoewel René Girard een ware exegeet is die zich bij voorkeur over klassieke teksten buigt – van de Griekse tragici tot aan Proust, van Shakespeare tot aan Nietzsche - staat de thematiek van zijn denken nooit ver af van de alledaagse werkelijkheid. Als het over over imitatie gaat, over rivaliteit, over geweld en zondebokmechanismen – dan gaat het ook altijd over de wereld van vandaag. In het klein in onze persoonlijke leefwereld, of in het groot in de politiek-sociaal-economische crisis waarin we verzeild zijn geraakt en waarvan het einde voorlopig nog niet in zicht is.

De bijdragen in deze bundel komen steeds vanuit geheel verschillende gezichtsvelden en belichten hoe het denken van Girard hulp kan bieden in het proberen grip te krijgen op de soms bizarre, en misschien ook wel hachelijke wereld waarin we leven. Naast algemeen inleidende artikelen zijn de bijdragen gegroepeerd rondom de volgende thema’s: 1) Sociaal-economische problematiek, 2) Conflicten in het algemeen, 3) Het christendom, 4) Literatuur en communicatie en 5) Instituties, school, huwelijk en rechtspraak.

Aan deze bundel werkten mee: Mark Anspach, Frits Bakker, Erik Buys, Paul Dumouchel, Joachim Duyndam, Wiel Eggen, Michael Elias, Huub ter Haar, Guido Heidendal, Nico Keijzer, Philippe De Keukelaere, André Lascaris, Els Launspach, Melanie van Oort-Hall, Sonja Pos, Simon Simonse, Berry Vorstenbosch en Hans Weigand.

Recensie in COV&R Bulletin no. 40 van Anton van Harskamp.

November 2011 is de maand waarin de Girard Studiekring zich mag verheugen in haar 30-jarig bestaan. Dit jubileum zal gevierd worden op 26 november in de Balie in Amsterdam. Bij deze gelegenheid zal tevens een nieuwe essaybundel worden gepresenteerd. Deze bundel, geredigeerd door Michael Elias en André Lascaris, draagt de titel Rond de crisis: Reflecties vanuit de Girard Studiekring en wordt uitgegeven bij Uitgeverij Parthenon. Kijk hier voor meer informatie over de bundel, en hier voor meer informatie over de bijeenkomst.
 
Met haar 30 levensjaren is de Girard Studiekring zowel jong als oud. De kring is niet plotseling uit de grond geschoten na het verschijnen van Girards eerste baanbrekende studie Mensonges romantique et vérité romanesque in 1961, maar stamt uit de periode waarin Girard zijn twee volgende hoofdwerken schreef: La violence et sacré (1972) en Des choses cachées depuis la fondation du monde (1978). Eind jaren 70, begin jaren 80 zouden we de eerste golf kunnen noemen in de belangstelling voor de Mimetische Theorie, zoals het denken van Girard was gaan heten. De Girard Studiekring maakte haar aanwezigheid al snel voelbaar door mee te helpen aan het eerste eredoctoraat voor Girard, verleend door de Vrije Universiteit in 1985. In de jaren 90 verminderde de belangstelling in het werk, voor een gedeelte doordat Girard zich als een christelijk denker had geprofileerd. Daarnaast werd duidelijker dat hij niet in de typisch politiek linkse positie stond die men normaliter van een kritische Franse denker verwachtte.

In onze tijd kunnen we wat de belangstelling voor de Mimetische Theorie betreft van een tweede golf spreken. De polarisatie tussen links en rechts, de polarisatie tussen religieus en atheïstisch lijkt, in het intellectuele denken althans, enigszins geluwd. Partijen beginnen elkaar in ieder geval serieus te nemen. Daarnaast lijken authenticiteitsidealen, zwaar aangezet door denkers als Sartre en Heidegger en lang levend gebleven in de 20ste eeuw, nu wel wat op hun retour – mensen hebben er minder moeite mee het imitatieve of mimetische deel in hun eigen leven te onderkennen. Buiten deze mentaliteitsveranderingen zijn er nog de nodige aanreikingen uit andere wetenschappen, zoals de ontdekking van de spiegelneuronen in de biologie.

Tussen de eerste en de tweede golf heeft de Girard Studiekring jaar na jaar bijeenkomsten georganiseerd om het gedachtengoed van Girard verder te onderzoeken of tegen het licht te houden van specifieke thema’s uit een keur aan vakdisciplines. Alle bijeenkomsten zijn op onze website terug te vinden onder kringbijeenkomsten.

Wij schrijven 30 juni 2011. Ruim een week een geleden zijn we de zomer in gegaan, een seizoen dat onverbiddellijk volgt op het eerste veelbelovende groen, de Arabische primavera, waarvan we nu al kunnen zeggen dat het een moeilijk en grimmig verhaal aan het worden is met een onvoorspelbare afloop. Menig columnist – ik noem hier Sylvain Ephimenco van dagblad Trouw – heeft de afgelopen maanden met zorgelijke en sceptische ogen naar de ontwikkelingen in Noord-Afrika en Klein-Azië gekeken.

Op de site van Imitatio is een bijdrage van Mark Anspach over dit zeer actuele onderwerp verschenen. Anspach eindigt zijn schrijven met de zin: “Niemand wil als eerste beweren dat de Egyptische revolutie niets om het lijf heeft.” Hij zinspeelt hierbij op de kleren van de keizer, het sprookje van Hans Christian Andersen dat al wel vaker zijn diensten heeft bewezen in het illustreren van mimetische fenomenen.

De teneur van Anspachs bijdrage is dat er in de Arabische lente weinig nieuws is onder de zon. De unanimiteit zamelt zich op tegen de dictators, heersers die op dezelfde manier gefaald hebben als in een ver en minder ver verleden sacrale koningen konden falen. Met alle moderne techniek van Twitter tot en met iPhone-foto’s lijkt het misschien allemaal iets nieuws, een event om over te gaan jubelen, maar alles volgt de volledig bekende de patronen zoals James Frazer die al in zijn The Golden Bough opgetekend had. In het verlengde daarvan verwijst Anspach ook naar Simon Simonses Kings of Disaster, een recente antropologische veldstudie naar het koningschap zoals dat voorkwam aan het eind van de 20ste eeuw in zuid-oost Soedan.

Antropologische studies wijzen steeds uit dat de koning, naast zijn rol van machthebber, ook een rol te vervullen heeft als gijzelaar en uiteindelijk als zondebok van zijn volk in tijden van tegenslag. Dit is ook wat er met de Arabische leiders gebeurt. Nu Moebarak verdwenen is, nu het brandpunt van de gemeenschappelijke verontwaardiging het toneel heeft verlaten, kunnen Egyptenaren ook het gevoel krijgen dat hen daarbij iets ontroofd is. Ja, en dan? Hoe nu verder zonder zondebok? Of dienen nieuwe zich al aan?

Klik hier voor de volledige tekst van Anspachs bijdrage.

In de zomer van 2012 zal voor de tweede keer een Zomerschool Mimetische Theorie plaatsvinden. Dit als vervolg op het grote succes van de Zomerschool 2010, waarin onder meer was gebleken dat er onder jong aanstormend academisch talent grote belangstelling bestaat voor het gedachtegoed van René Girard en zijn volgers. Een aantal zaken zullen hetzelfde zijn als bij de eerste zomerschool  -  de omvang van de beoogde studentengroep (25), de locatie bij het ISVW in Amersfoort, en de bezielende leiding van Thérèse Onderdenwijngaard. Tegelijkertijd zijn er een aantal belangrijke verschillen. De kosten voor deelname zijn aanzienlijk verlaagd, de doelgroep is scherper omlijnd en is nu gericht op promovendi of afstuderenden voor een master’s degree. Daarnaast is het curriculum meer toegespitst op de kernteksten van René Girard, en is ook de samenstelling van het docententeam compacter geworden. Naast James Alison en Paul Dumouchel, die al in 2010  doceerden, zal ook Sandor Goodhart van het kernteam deel gaan uitmaken. Inmiddels is er een begin gemaakt met het inrichten van de website voor Zomerschool 2011, op de homepage waarvan meer details en informatie te vinden is.

Vorige zomer maakte freelance journalist Frank Mulder kennis met een aantal docenten van de Europese Zomerschool 2010. Dit resulteerde in een drietal artikelen die de afgelopen maanden in diverse bladen zijn verschenen.

In "Geweld heeft altijd een uitlaatklep nodig", Frank Mulders interview met Paul Dumouchel, wordt de apocalyptische teneur van Girards laatste boek Battling to the End verder invulling gegeven. Dit interview verscheen in het januarinummer 2011 van Volzin. Dumouchel blijkt met name geïnteresseerd in de globalisering en stelt dat deze grootschalige politiek-economische ontwikkeling ons steeds meer de mogelijkheid zal ontnemen het geweld naar buiten te richten.

In dagblad Trouw verscheen op 10 mei een interview met Michael Elias, onder meer over hoe de mimetische theorie van toepassing is op het conflict in het Midden-Oosten, met name met betrekking tot de manier waarop verschillende partijen rivaliseren om de rol van slachtoffer. Lees meer hierover in ons eerder bericht.

Zoals de titel "De eindtijd is begonnen" al zegt, spelen apocalyptische stemmingen ook een grote rol in Mulders interview met Benoît Chantre, gepubliceerd in het maartnummer van het nieuwe christelijke tijdschrift Soφie. Chantre is Girards gespreksgenoot in het hierboven genoemde Battling to the End, de Engelse vertaling van Achevez Clausewitz, waarin wordt uitgelegd dat de christelijke onthulling van het zondebokmechanisme tevens de inactivering van dit gewelds-indammende mechanisme betekent. De eindtijd is, in een wat minder drukkend perspectief, ook het failliet van alle mythische illusies omtrent geweld, een tijd waarin het er echt op aankomt aan elke rivaliteit te ontkomen.

Kunnen we – zo eindigt Frank Mulder zijn gesprek met Chantre -  dan helemaal niets doen, wanneer de wereld wegzakt in steeds meer geweld? "Jawel", zegt Chantre. "Zie af van elke vorm van rivaliteit. Bewondering is goed, maar imitatie leidt tot haat. De hele wereld wil dat we onszelf met anderen vergelijken. Blijf weigeren."